Deel 5: De erfelijkheid

ontsta6

DE ERFELIJKHEID

Dit speelt in de natuur in mindere mate een rol dan bij veel vogelliefhebbers in het hok. Deze kwekers moeten goed rekening houden met de erfelijkheid van de vogels. Daarom wil ik hier iets meer over vertellen.

WAT HOUDT ERFELIJKHEID NU IN?

Erfelijkheid verwijst naar het doorgeven van alle eigenschappen die we kennen aan de nakomelingen. Deze eigenschappen kunnen zowel goed als slecht zijn. Vogelkwekers willen vooral de slechte eigenschappen zoveel mogelijk vermijden. Elk mens, dier of plant bestaat uit miljoenen cellen, en de voortplanting vindt plaats door de samensmelting van een mannelijke zaadcel met een vrouwelijke eicel. Hierdoor ontstaat een nieuwe cel, het begin van nieuw leven. Deze cel zal zich op natuurlijke wijze gaan delen, en beide nieuwe cellen zullen dezelfde inhoud hebben als de oorspronkelijke cel waaruit ze zijn ontstaan. Deze delen zich weer, en zo verder. Een deel van deze cellen zal verantwoordelijk zijn voor de vorming van botten, hoornachtige delen, huid, enzovoort. Deze cellen dragen ook de erfelijke eigenschappen. Ik veronderstel dat je al een redelijk inzicht hebt gekregen in de opbouw van cellen. De grondlegger van de erfelijkheid was een monnik genaamd “Gregor Mendel”.

Hierover wil ik iets meer vertellen. Gregor Mendel werd geboren in 1823 in Oostenrijk. In 1843 trad hij toe tot het Augustijner klooster. Hij studeerde toen nog fysica en natuurwetenschappen. Zijn geliefde onderzoeksonderwerp was vooral het probleem van de overerving van enkelvoudige kenmerken bij kruisingen, voornamelijk bij erwten en bloemen. Om hier een beter inzicht in te krijgen, begon hij in 1858 zijn grootschalige experimenten, die uiteindelijk zijn naam onsterfelijk zouden maken. De resultaten van zijn kruisingsexperimenten formuleerde hij in wetten die tot op de dag van vandaag belangrijk zijn voor de erfelijkheidsleer. Mendels grootste verdienste ligt in het inzicht dat hij toonde in zijn experimenten, vooral omdat er destijds nog niets bekend was over chromosomen en genen. Zijn bevindingen werden volledig genegeerd. De publicatie van zijn resultaten in 1865 werd snel in de doofpot gestopt. Zeer teleurgesteld stopte Mendel met zijn experimenten en wijdde zich voortaan alleen nog aan het kloosterleven. Hij overleed in 1884. Ongeveer 15 jaar later kwamen drie onderzoekers, onafhankelijk van elkaar, tot dezelfde ontdekkingen als Mendel. Deze drie waren:

1) De Oostenrijker: Van Tschermak
2) De Duitser: Correns
3) De Nederlander: De Vries

Uit respect en eerbied voor Gregor Mendel werd toen besloten om de gevonden wetten als

“De Wetten van Mendel” te benoemen.

DE WETTEN VAN MENDEL ZIJN:

1e WET: WET VAN EENVOUDIGE DOMINANTIE

Een fokzuiver organisme dat gekruist wordt met een ander fokzuiver organisme van dezelfde variëteit, zal nakomelingen produceren die ook fokzuiver zijn en dezelfde eigenschappen hebben. RESULTAAT: 100% fokzuivere identieke nakomelingen.

2e WET: WET VAN SEGREGERING

Een fokzuiver organisme gekruist met een ander fokzuiver organisme van een andere variëteit zal nakomelingen produceren die niet fokzuiver zijn en de kenmerken van de dominante variëteit vertonen. RESULTAAT: 100% niet fokzuivere jongen.

3e WET: WET VAN ONAFHANKELIJKE ASSORTIMENT

Het wisselen van de koppelingsfactoren, met betrekking tot beide geslachtschromosomen, leidt altijd tot dezelfde resultaten bij de nakomelingen. Met andere woorden, AA x aa of aa x AA zal altijd resulteren in 100% Aa of 100% aA. RESULTAAT: Bij de nakomelingen is Aa identiek aan aA.

4e WET: WET VAN ONAFHANKELIJKE ASSORTIMENT

Een niet fokzuiver organisme gekruist met een ander niet fokzuiver organisme van dezelfde variëteit zal nakomelingen voortbrengen die fokzuiver zijn voor de variëteit van de grootvader en grootmoeder. Tegelijkertijd zullen ze ook nakomelingen voortbrengen met de variëteit van beide ouders. RESULTAAT:

25% fokzuivere nakomelingen AA
50% niet fokzuivere nakomelingen Aa of aA
25% fokzuivere nakomelingen aa

5e WET: WET VAN ONAFHANKELIJKE ASSORTIMENT

Een fokzuiver organisme gekruist met een ander fokzuiver organisme, maar verschillend in twee aspecten, zal leiden tot nakomelingen van dezelfde variëteiten als de ouders, maar ook tot variëteiten met een heel andere samenstelling. AA bb x aa BB – Een mogelijke combinatie van eigenschappen resulteert in:

RESULTAAT: 16 mogelijke combinaties, waarvan:
3/16 van type 1
3/16 van type 2
9/16 van nieuw type
1/16 van nieuw type

SAMENVATTEND KAN MEN ZEGGEN:

Erfelijkheid is een natuurwet waarbij eigenschappen van ouders en voorouders worden overgedragen op de nakomelingen. De studie van erfelijkheid is gebaseerd op “De Wetten van Mendel”. Bij het kweken van vogels is het belangrijk om te weten welke erfelijke eigenschappen de vogels hebben, omdat een deel van de eigenschappen van zowel de vader als de moeder worden doorgegeven aan het jong in de EERSTE EICEL. Dit is bepalend voor het uiterlijk van het jong. Het zal ook bepa

alde erfelijke eigenschappen van beide ouders erven die mogelijk niet zichtbaar zijn.

Bijvoorbeeld:
1) Het jong kan een kleur erven van de moeder die sterker is dan die van de vader, waarbij de kleur van de moeder zichtbaar wordt bij de nakomelingen en de kleur van de vader verborgen blijft, maar wel doorgegeven kan worden aan latere nakomelingen.
2) Stel dat we een goede groene kanarie willen kweken met een mooie kleur en een fijne, korte en symmetrische onderbroken bestreping, met een heldere groene kleur en zo min mogelijk bruin. Als we vogels hebben die te veel bruin tonen, moet dit bruin verdwijnen om goede vogels te krijgen.

In dit geval komt erfelijkheid weer naar voren. Om snel goede resultaten te behalen, is het belangrijk om te weten welke erfelijke eigenschappen dit proces kunnen belemmeren. Een goede kweekadministratie en kennis van de erfelijke eigenschappen van gekochte vogels zijn van groot belang. Het is ook belangrijk om eerlijke informatie over een vogel te geven bij ruil of verkoop. Eerlijkheid duurt immers het langst in de vogelsport.

Als je nog vragen hebt of meer informatie wilt, laat het me dan weten.

More Articles

Vogels in vogelvlucht

Deel 15: Slotwoord

SLOTWOORD.                                                    wout van Gils Beste vogelvrienden, bent u akkoord met mijn titel: “VOGELS IN VOGELVLUCHT”    Bent u het ook eens dat voor velen dit

ClosePlease login

No account yet? Register

Vogels in vogelvlucht

Deel 14: Bibliografie

Geraadpleegde LITERATUUR.                       1)      De Vogelwereld   (Dennis Avon en Tony Tilford)                     2)      Broedende vogels   (Moussault)                     3)      Maandblad De

ClosePlease login

No account yet? Register

Vogels in vogelvlucht

Deel 13: Makkelijk om te weten

MAKKELIJK OM te weten.      Wout.van.Gils. AFSTAMMING: Tweeledige term; wordt gebruikt voor herleiding naar de oervoorvader en voor  herleiding naar voorouders van verschillend ras aan de

ClosePlease login

No account yet? Register

Vogels in vogelvlucht

Deel 12: De stam

koppel witte

DE STAM .                                                 Wout van Gils. In het kort kunnen we stellen dat een stam is het kweken van dezelfde vogels die een zo

ClosePlease login

No account yet? Register

Vogels in vogelvlucht

Deel 15: Slotwoord

SLOTWOORD.                                                    wout van Gils Beste vogelvrienden, bent u akkoord met mijn titel: “VOGELS IN VOGELVLUCHT”    Bent u het ook eens dat voor velen dit

ClosePlease login

No account yet? Register

Vogels in vogelvlucht

Deel 14: Bibliografie

Geraadpleegde LITERATUUR.                       1)      De Vogelwereld   (Dennis Avon en Tony Tilford)                     2)      Broedende vogels   (Moussault)                     3)      Maandblad De

ClosePlease login

No account yet? Register